Page 2 of 19

Gisterenavond iets over half tien, ik kwam net uit Almere Buiten gefietst, toen ik vlak bij huis was dacht ik, laat ik nog even bij de Lubischbrug, naar de zwanen kijken. Twee mannetjeszwanen zwommen net als een paar weken geleden, weer elkaar uitdagend naast elkaar. Het ene zwanenpaar zwom waarschijnlijk door het territorium van het andere zwanenpaar, eveneens met jongen. Maar daar is bijna niet aan te ontkomen, als zwanen met jongen, in grachten naar het Weerwater, of zoals in dit geval, weer van het Weerwater terug naar de gracht, en hun eigen gebied willen zwemmen, zij het gebied van andere zwanen doorkruisen. Ik stond nog geen vijf minuten op de brug of de mannetjeszwanen begonnen te vechten. gelukkig na ongeveer vijf of tien minuten wist iemand met een lang visnetstok de vechtende zwanen te scheiden. Het ene bijna verdronken mannetje was geheel versuft, en twee zwanenliefhebbers hebben hem via de weg naar een andere gracht, zijn eigen gebied gedragen, waar even later het bij hem horende vrouwtje met de jonge zwanen weer bij elkaar kwamen. Het de natuur, maar wel erg te weten dat vechtende zwanen elkaar kunnen verdrinken. Maar als de strijdende zwanen midden op de gracht aan het vechten zijn kun je niet zo veel doen. Gelukkig is het ook deze kaar weer goed afgelopen. Foto’s heb in maandagavond, 15 Juni 2020, genomen.

Mijn moeder, aan de telefoon, in haar huisje bij de ‘Sluis’ in Wijk bij Duurstede. Mijn ouders hebben altijd met veel genoegen en plezier, vanaf februari 1958 hier gewoond. Het kleine huis, prachtig gelegen achter de hoge populieren, half verscholen tussen oude hoogstamboomgaarden en de verderop gelegen weilanden, aan de voet van de dijk. Deze foto heb ik gemaakt op 6 Oktober 2005.

Twee volwassen Boomkikkers zitten in een braamstruik heerlijk in de zon. Dinsdagmiddag 9 Juni 2020, in de duinen bij Vogelenzang.

Ik ben vandaag een uur of 6 in de duinen bij Vogelenzang gaan wandelen en struinen. Plots zag ik tussen de biezen, een meter van de waterkant dit prachtig hertenjong. Toen ik stopte om de kleine beter te bekijken drukte het zich zachtjes tegen de grond. Ik ben op een paar meter afstand gebleven. Mochten jullie ooit zo’n diertje in de natuur tegenkomen, dan nooit, maar dan ook nooit aanraken !!! Ook niet even aaien helemaal niet aanraken !! Want anders wordt het door de moeder verstoten i.v.m. de vreemde geur van onze handen, en gaat het dood van de honger. Het is voor mij voor het eerst in mijn leven dat ik in de natuur zo’n prachtig jong hertje tegenkom. Dinsdag 9 Juni 2020.

Even iets anders. In de jaren 80, 90 en later fietste ik alleen, en soms met Lenie, van Almere naar Wijk bij Duurstede. Een afstand van ongeveer 80 KM. Wij overnachten dan bij moeder, en na een goed ontbijt, liefdevol gemaakt door moeder fietsten wij de volgende dag weer terug naar Almere. Bijna altijd gingen wij op de heen- of terugweg even bij tante Dina ( Wouters-Nokkert ), moeders oudere zus langs. Zij woonde samen met de vriendelijke ome Henk Wouters ,langs De Nieuwe Weteringseweg 187 in Maartensdijk. Die tante Dina was een prachtig mens, heel zuinig maar beslist niet gierig. Zo gauw je binnen kwam maakte zij koffie met een dik vel, en wilde zij eten voor je maken. Tante Dina verzamelde van alles. Haar schuurtje stond vol spullen. Zij had ook van oude lappen stof een soort van grote slaapzak gemaakt, waar zij dan gedeeltelijk inkroop als het koud was, en zo toch in haar schuurtje in de verzamelde spulletjes kon snuffelen. Zoals op de foto te zien is, snuffelde zij in de jaren 80 in de ‘Zak van Max’ en haalde voor haar bruikbare schoenen en gympen eruit. ‘Snap jij dat nou, dat mensen dat zomaar weggooien, in de oorlog zouden de mensen er erg blij mee zijn geweest, wat mensen nu zomaar weggooien’ zei tante Dina dan verbaasd. Ik had haar een keertje meegenomen naar Bilthoven. In een winkel, waar zij toch wel de aandacht trok met haar oude kleding, was zij volaandacht een paar rollen Mariakoekjes aan het bekijken en vergelijken. ‘Ja soms zit er in een rol koekjes eentje meer in, wist je niet he, met een glimlach mij schuin aankijkend. Na haar overlijden zijn enkele kledingstukken van tante Dina naar het museum gegaan. Op een van mijn fietstochten, zo omstreeks 1992, had zij moeite een van de Gemeente Maartensdijk ontvangen formuliertje in te vullen. Toen ik haar geholpen had, en binnen vijf minuten klaar was, wilde zij mij een briefje van honderd gulden geven voor de moeite. Ik heb het niet aangenomen. Ik wilde er echt niets voor hebben, en zei tegen haar dat ik blij was iets voor haar te kunnen terug doen. ‘Jij bent toch gek op oude spulletjes he’. Als dank moest ik bij hoog en bij laag een oud leren mapje, uit omstreeks 1920 van het nu verdwenen landgoed Beukenburg meenemen. Haar vader, mijn opa had daar vroeger gewerkt. Kijk tante Dina was wel erg zuinig, mijn moeder zei ‘Ach Dien heeft geld zat’. Maar zij was beslist niet gierig. Een goed mens was zij. En ome Henk kon met een glinstering in zijn ogen, prachtige verhalen vertellen van vroeger.

Misschien kennen jullie hem nog wel. Een prachtige kerel was Dirk van Noort uit Elst nabij Amerongen. Dirk, geboren in Ommeren in 1898, woonde op zijn grote boerderij ‘De Opslag’ aan de oever van de Rijn. Eind 80er en begin 90er jaren fietste ik alleen, en soms met Lenie als wij daar in de buurt waren wel eens naar hem toe. Zijn broer was jaren geleden al overleden. In het deel van de boerderij stond veel boerengereedschap, maar vooral visserspullen, oude bijenkorven, ijzeren kooien, etc. opgeslagen en kris, kras door elkaar. Het jaartal 1898 was ingebrand aan de zijkant van een houten kist. O ja Dirk is omstreeks 1969 dacht ik nog eens bij het programma ‘Showroom’ op de TV geweest. Hij geloofde niet dar de mensen op de maan waren geweest, en ach zoals hij het mij uitlegde, ja daar zat wel wat in. ‘Ze hebben gewoon mannetjes in pakken op een grote barg zand gefilmd, we worden allemaal bedrogen, ze kunnen alles wel filmen, en de mense geleuve het wel’ zo vertelde hij omstreeks 1988 aan mij. Als ik bij hem langs ging nam ik altijd een pak pruimtabak voor hem mee, waar hij blij mee was. Dirk was niet zo groot. Als ik toen wel eens met hem buiten achter de boerderij liep en hij dingen al pruimend vertelde, moest je goed oppassen dat hij zijdelings zijn pruimtabakssapstraal niet tegen je broekspijpen spoog. Zijn kin zat vaak vol opgedroogd pruimtabakssap, kijk maar eens naar de foto die ik van hem heb gemaakt. Naast zijn bed stonden aan beide zijden aan het hoofdeind twee jachtgeweren. ‘Als er ‘s nachts vreemden kome, zak ze verolme’ ,waarmee hij bedoelde vol gaten schieten. Soms kon hij ook een poosje niets tegen je praten, en leek hij verzonken in gedachten van vroeger dagen. Terwijl wij samen achter zijn boerderij over de rivier de Rijn kijken, en naar het aan de overzijde gelegen Gelderland, vraagt hij plotseling aan mij ‘Wit jij waar alle vlinders zijn gebleve, vroeger waren er honderden hier aan de rivier, ik snap er niks van, jij wel ? “Kijk hier met deze boot ging ik vroeger vissen op de Rijn, ja jochie toen zat hier nog vis…, In vroeger dagen is Dirk nog een verwoed imker geweest, en was bijna altijd aanwezig op bekende bijenmarkten in de omgeving, zoals in Veenendaal. Dirk had ook een aantal middeltjes voor diverse kwalen, zoals bij een vlooiebeet moest je de huid insmeren met vochtige pruimtabak. Bij de hik je neus kietelen met een ganzenveer. En een van de mooiste middeltjes vond ik wel, dat je bij keelpijn een vochtige opgerolde doek, of beter in een ongewassen sok, met daarin regenwormen om je hals moest binden. Een prachtig mannetje vond ik Dirk, ik mocht hem wel. Poe ..poe er zat nog wel pit in dat ouwe baasje. Ik ben blij met zijn bibberende hand geschreven naam ( 1989 ) in een van mijn boeken. Dit boek bewaar ik, met mijn gemaakte foto’s van hem als een dierbare herinnering aan Dirk.

Je komt ze zo weinig tegen. Maar wat blijven ze prachtig om te zien. Deze volwassen boomkikker ( ongeveer 4 of 5 cm groot ) zat heel stil, in het versluierde zonlicht, in een braamstruik. Het was dit keer weer heel goed zoeken tussen het groen van de braamstruik. Woensdag 3 Juni 2020.

Meer dan een uur zitten en staan wachten, op een zandberg, in de toch wel wat frisse wind, bij een vossenhol in de duinen bij Vogelenzang. En ja hoor daar is hij dan. Een van de jonge vosjes. Prachtig om te zien. Heel even zat het kleine vosje stil en keek naar mij. De Moervos was wat verderop tussen de lage struiken eten aan het zoeken. Woensdagavond, 3 Juni 2020.

Vandaag hebben Leentje en ik, op onze gewone fietsen, omstreeks 60 Km gefietst. Het was prachtig fietsweer. Ten zuiden van het Naardermeer, nabij de ‘Karnemelksloot’ stak plotseling een gek beest de weg over. Snel gestopt voor het verdwenen was tussen het geel verdorde gras van de berm. Ik kon mijn ogen niet geloven..een Veenmol. Nooit eerder gezien, ik ken hem alleen uit de boeken. Hij was lastig te fotograferen, omdat hij vrij snel kan lopen. Maar ik heb hem. Het ongeveer 5 cm groot insect snel even met mijn schoen tegengehouden. Ik was in twijfel op het diertje in mijn hand te nemen, omdat ik niet zeker wist of hij kon bijten, steken etc. De verleiding was groot, maar toch maar niet gedaan. De Veenmol valt onder de Orde van Krekels en Sprinkhanen, en is vrij zeldzaam in Nederland. Het leeft grotendeels ondergronds, in gangen net onder de oppervlakte op zoek naar voedsel, zoals insectenlarven, en wortels van planten. De Veenmol kan zowel voor- als achterwaart lopen in zijn gangen. Aan de voorzijde zijn nog net een klein stukje van zijn grote stevige graafpoten te zien. De Veenmol kan niet springen, daarvoor zijn de achterpoten te kort. Het is wel een goede zwemmer, en snelle loper. De volwassen dieren kunnen vliegen, maar daar is dan ook alles mee gezegd, het is een wat onhandige vlucht.

‘De landing’. Woensdag 27 Mei 2020.

Een van de oudste kiekjes uit de familie van mijn moeder. Het is de Oma van mijn moeders vader ( Jan Hendrik Nokkert uit Maartensdijk ). Haar naam was: Janna Nieteman en woonde in Laren. Zij is geboren op: 19 April 1814 en overleden op 31 Mei 1852 in Harfsen. Leuk he, zo’n kiekje van vroeger. Mijn moeder Jo Marchal-Nokkert ( geboren 13 Mei 1921 ) is bijna 97 geworden, en heeft de weinige foto’s die zij had van vroeger altijd dierbaar bewaard.

Gisteren ben ik te horen gekomen dat mijn karateleraar Ger Schuurman ( School: Shizentai, Stijl: Wado Ruy ) uit Almere afgelopen maart 2020 is overleden. Jarenlang heb ik bij Ger getraind ( Tot eind 2007 ). Hij was altijd gedreven, met een warm hart voor de karate- en vechtsport. Langs deze weg wil ik mijn dank kenbaar maken, voor de vele dingen die ik van hem heb mogen leren. In 1972 ben ik met 4 andere jongens ( Met o.a. Hans Korstanje ) in Wijk bij Duurstede bij Wijnand van den Broek, ( Een heel goede leraar, School: Shiai Jo, Stijl: Kyokushinkai ), als een van zijn eerste leerlingen, met karate begonnen, tot omstreeks 1983. Na verhuizing i.v.m. werk, van Wijk naar Almere in 1983, ben ik eind 2007, is was 55 jaar, met karate gestopt. In januari 2008 is suiker bij mij geconstateerd, waardoor ik een paar maanden flink ontregeld was. En bovendien had ik de laatste twee jaar in beide benen mijn hamstring gescheurd. De dokter zei ‘Misschien moet u iets rustiger aan gaan doen’. Tegenwoordig ben ik regelmatig aan het hardlopen, en maak met Lenie mijn vrouw lange wandelingen. Op bijgaande foto uit oktober 1992, v.l.n.r. Bery van Rassel, Ger Schuurman en geheel rechts ik. De foto is gemaakt door mijn vrouw Lenie Marchal.

De Langbroekerwetering bij de voormalige boerderij ‘Het Wolvengat’ tussen Neder- en Overlangbroek. Vrijdagmiddag in de milde regen. 22 Mei 2020.

Het vrouwtje van de Carolina-eend ( Dank zij onze goede vriendin Annemieke Prozée, die de soortnaam van de eend wist ) Tijdens een wandeling zag ik haar, met de kleinen, in de Langbroekerwetering zwemmen. Vrijdagmiddag 22 Mei 2020.

Wat leuk om naar te kijken. Bij boerderij B 16 langs de Langbroekerdijk, tussen Neder- en Overlangbroek waren kleine geiten lekker aan hollen. Vrijdagavond 22 Mei 2020.

Op de Brink 5, in Nederlangbroek is in de deur van de woning een fraai siersmeedwerk te zien. Vrijdagnamiddag 22 Mei 2020.

De Irissen in onze achtertuin hebben hun beste tijd gehad. Maar het blijven mooie bloemen om te zien. Op de achtergrond vaders oude waterpomp. Dinsdagmiddag 20 Mei 2020.

Ook de piepkleine zwaantjes zijn zich, net als hun ouders, aan het poetsen. Prachtig om te weten en te zien hoe zulke kleine mormels, nu een paar dagen uit het ei, weten wat zij moeten doen. Diepe bewondering voor de Schepper van al dit moois, die o.a. dit gedrag al in de kleine zwanenhersenen heeft ingeprent. Maandagmiddag 18 Mei 2020.

Gelukkig, zoals bijna altijd, had ik mijn fototoestel bij mij. Vechtende zwanen.

Vechtende Zwanen. Maandagmorgen 18 Mei 2020.

Als twee zwanenparen, beiden met jongen, elkaar tegen komen in de gracht vallen de mannen, na machtsvertoon door kronkelend een stuk naast elkaar te zwemmen, elkaar plotseling aan.

Na een hoop machtsvertoon vallen de zwanenmannen elkaar plotseling aan.

Als de vechtende mannen in de buurt van de kleine zwanen komen komt het vrouwtje voor haar angstig piepende kleinen op.

Het zwanenvrouwtje komt op voor haar kleinen en stort zich ook in de strijd.

Aan het einde van de dag veilig onder moeders vleugels. Zondagavond 17 Mei 2020.

In 1991 heb ik voor de gein deze tekening gemaakt van onze lieve hond Max, een Newfoundlander met een heel lief karakter. Ik heb wel een paar tranen gelaten toen hij dood ging.

Prachtig zijn de kleine zwanen. Het is ieder jaar weer genieten om te kijken naar deze jonge dieren. Zondagmorgen 17 Mei 2020.

Zwanen en Meeuwen bij de gracht voor onze woning. Zondag 17 Mei 2020.

Mijn ouderlijke huis op 28 April 2004. Gelegen aan de Sluis Zuid 6 in Wijk bij Duurstede.

Landelijk stilleven. Mijn oudste broer Wout zijn hobby was duiven houden. Samen met vader hadden zij achter het huis en schuur een groot duivenhok gemaakt, ergens in de jaren 70 dacht ik. Naast het duivenhok stond deze oude stoel waarin je heerlijk in alle rust van het voorjaarzonnetje kon genieten, en kijken naar de schapen, en overig leven, in de achter onze woning gelegen fruitboomgaard. In de oude hoogstambomen was een rijk vogelleven, zoals de Steenuil, Groene specht, Ransuilen, Merels etc. Sluis Zuid 6 in Wijk bij Duurstede. Foto omstreeks 1984.